Badkamertrends en wat ze onder de tegels betekenen
Kies wat je mooi vindt. Weet alleen wat het aan de onderkant vraagt, want dat bepaalt of het houdt.

Trendlijstjes voor badkamers zijn overal, en ze gaan allemaal over hoe iets eruitziet. Daar is niks mis mee: je moet er wel vijftien jaar naar kijken.
Wat er zelden bij staat, is dat vrijwel elke trend een consequentie heeft aan de onderkant. Je wilt dat vooraf weten, want een paar keuzes vragen extra werk in een laag die je later nooit meer ziet.
Inloopdouche zonder bak
Wat het vraagt: afschot over de hele vloer in plaats van in een bak.
Een douchebak is een kant-en-klare kuip met een helling erin. Haal je die weg, dan moet je vloer zelf het water naar het putje brengen: één tot twee centimeter per meter, gelijkmatig, en kloppend met je tegelmaat. Gemeten, niet geschat.
Ook wordt de waterdichte laag belangrijker, want er is geen bak meer die het water opvangt.
Grote tegels
Wat het vraagt: een vlakkere ondergrond.
Hoe groter de tegel, hoe minder hij een oneffenheid kan volgen. Op een licht bollende vloer krijg je met kleine tegels een golf die je niet ziet; met grote tegels krijg je een rand die je bij elke naad voelt. In veel oudere huizen betekent dit dat er eerst geëgaliseerd moet worden.
En de lijm moet volledig onder de tegel, in een kampatroon. Bij een grote tegel is de holte die vier kloddertjes achterlaten navenant groter.
Betonlook en gietvloeren
Wat het vraagt: een ondergrond die niet werkt, en een doordacht plan voor de overgangen.
Naadloze vloeren zijn mooi juist omdat er geen naden zijn. Datzelfde maakt ze gevoelig voor beweging in de ondergrond: waar een tegelvloer een klein beetje kan opvangen in de voegen, moet een naadloze vloer het in één vlak doen.

Nissen in de wand
Wat het vraagt: vooraf inplannen, en meenemen in de waterdichte laag.
Een nis is een gat in je wand op de natste plek van het huis. Dat kan prima, mits de waterdichte laag er netjes omheen doorloopt en de kimbanden in de binnenhoeken zitten. Achteraf een nis maken is niet “even een gat zagen”.
Verwarming in de vloer
Wat het vraagt: opbouwhoogte, en een mat op de juiste plek in de stapel.
Hij hoort boven de waterdichte laag en onder de tegel, ingebed in lijm of een dunne egalisatie. Ligt hij verkeerd, dan krijg je hete en koude plekken. En het aanbrengen mag de waterdichte laag niet beschadigen.
Het verandert ook je vloeropbouw, en daarmee je drempels.
Donkere voegen en gekleurde kit
Wat het vraagt: alleen dat je het op tijd zegt.
Dit is de goedkoopste trend op de lijst. Bijna iedereen krijgt grijs of wit, omdat dat standaard in de kar ligt. Terwijl een voeg in de kleur van je tegel het patroon laat verdwijnen en de ruimte optisch groter maakt, en een donkere voeg zich beter houdt tegen vuil.
Kies je voeg pas als de tegel er ligt. Op een staaltje ziet elke kleur er anders uit dan in het echt.
Waar het op neerkomt
Kies wat je mooi vindt. Vraag er alleen bij wat het aan de onderkant vraagt, en of dat in de prijs zit.
Wat er in jouw ruimte kan hangt af van wat er ligt. Wij komen kijken voordat er iets vastligt.
